assimilatie1Volgens het woordenboek betekent assimilatie: het opgaan van individuen en groepen in een nieuwe omgeving.

Als we het over (asiel)migranten hebben, betekent assimilatie dat ze hun eigen gewoonten zouden moeten opgeven en de gewoonten van (autochtone) Nederlanders zouden moeten overnemen.

Vragen
5) Veel buitenlanders denken dat alle Nederlanders op klompen lopen, dat er op iedere hoek van de straat een windmolen staat en dat tulpen een Nederlandse product zijn. Wat is volgens jou typisch Nederlands?
Maak met een groepje een lijstje van zaken en groepeer de onderwerpen (maak bijvoorbeeld een groep ‘eetgewoonten’ of een groep ‘bezoek ontvangen’ en bedenk zelf nieuwe groepen).
6) Moeten nieuwkomers die typische Nederlandse gewoonten overnemen? Waarom wel/niet?
7) Ken jij gewoontes van migranten die jij zou willen overnemen? Welke en waarom?assimilatie2

Assimilatie is het aanpassen van een minderheid aan de meerderheid. De voorouders van veel Nederlanders zijn in het verleden geassimileerd. Zij weten niet eens dat ze van oorsprong een buitenlandse afkomst hebben. Dat kun je soms alleen nog maar aan hun naam zien.

Iemand die ‘De Ridder’ heet, is waarschijnlijk van Belgische oorsprong.
Iemand die ‘Cuisinier’ heet, stamt waarschijnlijk van de Franse Hugenoten af.
En iemand die ‘Hartmann’ heet, heeft zijn of haar wortels in Duitsland liggen.

Toch zie je vaak dat die meerderheid ook zaken overneemt van de minderheid. Denk maar eens aan het eten van nasi en bami, oorspronkelijk gerechten die door Chinezen in Nederland zijn geïntroduceerd en vernederlandst (= aan de smaak van de Nederlanders aangepast).

Vragen
8) We maken een rondje door de klas. Iedereen schrijft zijn achternaam op het bord. Welke achternamen klinken buitenlands? Wie van de leerlingen met een buitenlands klinkende achternaam vindt zichzelf een buitenlander en wie niet? Wie weet waar zijn of haar (voor)ouders oorspronkelijk vandaan kwamen?
9) Kun je naast het eten van nasi en bami nog meer zaken bedenken die de Nederlanders van migranten hebben overgenomen?
10) Enkele jaren geleden is onderzocht wat buitenlanders typisch Nederlands vinden. De volgende zaken werden door hen genoemd:
hotelletje

Ordelijkheid vuilnis in gescheiden bakken doen, op tijd komen, een afspraak maken voordat je langs kunt komen, meteen na het eten afwassen, de telefoon aannemen met je naam
Tolerantie toestaan van drugs in coffeeshops, het normaal vinden dat iemand door een rood voetgangerslicht loopt
Fatsoen                televisie uitdoen als er bezoek is, rustig blijven, behulpzaam zijn, een gesprek over het weer beginnen, je stem niet verheffen
Gezelligheid kopjes koffie drinken, huiselijk zijn, verkleinwoordjes in de taal gebruiken, de gordijnen openlaten, kamerplanten voor het raam hebben staan, discussies uit de weg gaan (‘laten we het gezellig houden’)
Zuinigheid je krijgt één koekje bij de koffie

a) Vergelijk deze lijst met jullie eigen lijstjes die je bij opdracht 1 hebt gemaakt. Wat staat wel op jouw lijst en niet in bovenstaande lijst? En andersom: wat staat wel in bovenstaande lijst, maar niet in jullie lijst?

b) Welke van de zaken uit de bovenstaand lijst kloppen volgens jullie wel en welke niet? Maak het wat uit in welk deel van Nederland je woont?
 

‘We hebben een leuk hotelletje gevonden’

vorigestapvolgendestap