A+ A A-

Scherm 1: Belasting betaal je voor de gemeenschap

scherm1

Belasting betalen is van alle tijden. Al voor onze jaartelling werd belasting geïnd, toen nog in natura (bijvoorbeeld vee). De Romeinse keizer Augustus liet speciaal een bevolkingsregister aanleggen om efficiënter belasting te kunnen innen (63 v. Chr. – 14 na Chr.). In Nederland werd in de middeleeuwen door graven belasting geheven als de koning of keizer geld nodig had. Aanvankelijk was dit incidenteel maar spoedig werd de betaling een structurele verplichting.

Ook nu betalen we allemaal belasting, soms zonder dat je er erg in hebt. Wie een eigen inkomen heeft, betaalt inkomstenbelasting. Mensen die vermogen hebben (een eigen woning bijvoorbeeld, effecten of een rijk gevulde spaarrekening) betalen ook vermogensbelasting. De Belastingdienst ziet erop toe dat iedereen op tijd zijn inkomsten- en vermogensbelasting betaalt en niet teveel of te weinig. Ten slotte betaal je belasting, telkens als je iets koopt. Op elk product zit omzetbelasting en voor sommige producten, rookwaren en brandstoffen bijvoorbeeld, betaal je accijnzen. Belastingen betalen we aan gemeenten, provincies, waterschappen en de rijksoverheid. Belastinginkomsten worden gebruikt voor openbare voorzieningen. Denk daarbij aan ziekenhuizen, scholen, wegen, dijken, politie en leger. Zaken dus waar we allemaal profijt van hebben en die we niet graag willen missen.

Niet iedereen betaalt evenveel belasting. Hoeveel je betaalt hangt van verschillende factoren af. Bijvoorbeeld de hoogte van het inkomen, vermogen, verbruik (benzine, tabak), gebruik (wegen). Bedrijven dragen BTW af, maar kunnen BTW terugvragen voor ingekochte zaken. Bedrijven betalen bijvoorbeeld ook vennootschapsbelasting of winstbelasting.

Vragen:

  1. Zoek op internet op wat we verstaan onder belasting, BTW en accijns.
  2. Hoe betaal je belasting?
  3. Kijk naar onderstaande afbeelding. Welke belasting moet de geadresseerde aan de gemeente betalen?
  4. Kun je nog andere soorten belastingen noemen?

schijndel