ja_mageia

Bron: verklaring van Caïro

CairoDe Verklaring van Cairo is vernoemd naar de Egyptische stad Cairo waar de Islamitische Conferentie vergaderde

Deze verklaring is aangenomen door de Organisatie van de Islamitische Conferentie op 5 augustus 1990.
  1. Alle mensen vormen één familie omdat ze allemaal Allah (god) moeten gehoorzamen  en allemaal afstammen van Adam, de eerste mens. Daarom ben je gelijkwaardig aan ieder ander en mag je niet worden achtergesteld omwille van ras, huidkleur, taal, geloof, geslacht, godsdienst, politieke overtuiging, maatschappelijke positie of wat voor onderscheid dan ook.

  2. Allah heeft aan ieder het leven geschonken. Daarom heb je recht om te leven en mag niemand je van het leven beroven tenzij er volgens de sharia (islamitische wetgeving) goede redenen voor zijn. De staat moet je beschermen tegen lichamelijk geweld tenzij er volgens de sharia goede redenen zijn om dat niet te doen.

  3. Bij gevechtshandelingen mogen geen burgers als doelwit worden gekozen. Krijgsgevangenen hebben recht op een goede behandeling en moeten worden uitgewisseld en hun familieleden kunnen ontmoeten. Zieken en oorlogsgewonden op goede medische zorg. Lijken mogen niet worden verminkt. Wie oorlog voert, mag geen bomen rooien en de oogsten, vee en andere eigendommen van de vijand niet vernietigen.

  4. Je hebt recht op waardigheid zolang je leeft en ook na je dood.

  5. Je bent vrij om te trouwen met wie je maar wil. De staat en de gemeenschap waarin je leeft moeten ervoor zorgen dat je dat kunt.

  6. Vrouwen hebben evenveel waardigheid als mannen. Ze hebben eigen rechten en ook eigen plichten. Ze mogen eigen identiteit hebben en financieel onafhankelijk zijn. Mannen zijn verplicht om hun gezin te onderhouden.

  7. Kinderen hebben het recht om door hun ouders goed verzorgd en beschermd te worden. Ook zwangere vrouwen en hun ongeboren kind hebben recht op bescherming en goede zorg. Ouders en andere mensen die voor kinderen zorgen, mogen uitmaken wat voor opleiding hun (pleeg)kinderen krijgen zolang hun keuzes in overeenstemming zijn met de morele warden en beginselen van de sharia.

  8. Je hebt het recht om op volwaardige wijze aan het openbare leven mee te doen.

  9. Je hebt de plicht om kennis te vergaren en daar moeten de staat en de gemeenschap waarin je leeft je bij helpen. Daardoor moet je inzicht kunnen krijgen in de islam en de wereld. Je hebt recht op godsdienstig en ander onderwijs die zó op elkaar zijn afgestemd dat je daardoor iemand wordt die gelooft in Allah en de rechten en plichten van mensen kent, respecteert en zo nodig verdedigt.

  10. Je mag aanhangers van de islam op geen enkele manier dwingen om hun godsdienst af te zweren want de islam is een volstrekt zuivere godsdienst.

  11. Je hebt recht op vrijheid en zelfstandigheid en alleen aan de wil van Allah ben je onderworpen. Ieder land heeft recht op vrijheid en zelfstandigheid.

  12. Je mag gaan en wonen waar je maar wilt mits je je aan de sharia houdt en je hebt recht op asiel in een ander land als je wordt vervolgd in je eigen land. Men mag je asiel weigeren als de reden waarom je bent gevlucht is dat je een overtreding hebt gemaakt tegen de sharia.

  13. Je hebt recht op werk dat het best bij je opleiding en talenten past en waar je plezier aan beleeft. Niemand mag je dat beletten door je om wat voor reden ook achter te stellen. Je moet kunnen werken onder veilige omstandigheden en met goede sociale garanties. Je hebt recht op vakantie. Als je ruzie hebt met je werkgever, moet de staat helpen die bij te leggen. Je bent verplicht om je werk nauwgezet en vlijtig te doen.

  14. Je hebt het recht voldoende te verdienen om van rond te kunnen komen zolang dat maar op een eerlijke manier gebeurt.
  15. Je hebt recht om dingen in eigendom te hebben zolang je daar op een eerlijke manier aan bent gekomen. Niemand mag eigendommen van je afpakken tenzij daar het algemeen belang mee gediend wordt. In dat geval heb je recht op schadeloosstelling. Het afpakken van eigendommen mag alleen als dat volgens de wet moet.
  16. Je hebt het recht om zelf profijt te trekken van je kunstzinnige, literaire of wetenschappelijke werk. Het gedachtegoed dat uit jouw werk spreekt moet worden beschermd tenzij het in strijd is met de sharia.
  17. Je hebt het recht om in een omgeving te leven zonder ondeugd en moreel verval. De staat en de gemeenschap waarin je leeft moeten dat mogelijk maken. Je hebt ook recht op goede medische en sociale voorzieningen en openbare diensten die de gemeenschap waarin je leeft en de staat verstrekken. De staat moet ervoor zorgen dat al zijn burgers in redelijke welvaart leven.
  18. Je hebt recht om te leven op een plek waar jezelf, je godsdienst, je familieleden, je eer en je eigendommen veilig zijn. Je hebt recht op privacy, Niemand mag zomaar je woonplek binnengaan, je uit je woning zetten of je woning vernielen.
  19. Voor de wet is iedereen gelijk. Je hebt recht om verhaal te halen bij de rechterlijke macht als je onrecht is aangedaan. Wat misdrijven zijn en hoe ze worden bestraft mag alleen worden bepaalt aan de hand van de sharia. Bij rechtsvervolging ben je onschuldig tot je schuld is bewezen.
  20. Je mag alleen worden opgepakt, beperkt in je vrijheid, verbannen of bestraft als daar een wettige grond voor is. Niemand mag je martelen, mishandelen of vernederen. Je mag niet onderworpen worden aan medische en wetenschappelijke proeven tenzij je er toestemming voor gegeven hebt of de proeven je gezondheid en je leven niet kunnen bedreigen. De overheid mag geen noodwetten uitvaardigen volgens welke hij dingen mag doen die tegen de bepalingen van dit artikel ingaan.
  21. Onder geen enkele voorwaarde mag iemand je gijzelen.
  22. Je mag zeggen wat je wilt zolang je daarmee niet tegen de sharia ingaat. Je mag openlijk opkomen voor wat volgens de sharia goed is en je uitspreken tegen wat volgens de sharia fout is. Je mag niet aanzetten tot haat tegen landen of groepen en tot racisme.
  23. Gezag steunt op vertrouwen. Je hebt het recht om mee te beslissen over zaken die het openbare leven in je land aangaan en je mag bij de overheid werken onder voorwaarden die door de sharia zijn gesteld.
  24. Alle rechten en vormen van vrijheid die in deze Verklaring worden genoemd bestaan binnen de grenzen die de sharia stelt.
  25. Wil je een of meer artikelen in deze Verklaring uitleggen of verhelderen, dan mag je daar alleen de sharia als leidraad bij gebruiken.


Dit is een bewerkte versie van de Engelstalige tekst van de verklaring op http://www1.umn.edu/humanrts/instree/cairodeclaration.html.