Er zijn drie soorten problemen die met natuurlijke hulpbronnen te maken hebben. We zullen ze hieronder kort toelichten en daarna de belangrijkste ervan apart uitwerken.
1. Uitputting van milieuvoorraden
De mens benut teveel of in hoog tempo grondstoffen en levende biomassa (zoals vissen). Niet-vernieuwbare hulpbronnen kunnen hierdoor opraken.
We verbruiken in hoog tempo olie om er bijvoorbeeld benzine en diesel van te maken. Volgens deskundigen is de wereldvoorraad olie over 25-50 jaar uitgeput. Miljoenen auto's komen tot stilstand als we voor die tijd geen alternatief bedenken.
Steenkool, waarmee we onze energiecentrales stoken die elektriciteit leveren aan huizen, fabrieken en winkels, zal over 200 jaar uitgeput zijn.
Maar ook vernieuwbare hulpbronnen kunnen uitgeput raken. Door overbevissing dreigen sommige vissoorten uit te sterven. Door grootschalige houtkap worden steeds grotere percelen tropisch regenwoud ontbost.
2. Aantasting van het milieu
Het winnen van natuurlijke hulpbronnen tast vaak het landschap aan. Als we grote hoeveelheden grondwater opzuigen voor gebruik in fabrieken kan de grond uitdrogen. Of de natuur raakt versnipperd (er blijven alleen kleine stukjes natuur over omringd door landbouwgrond of bebouwing) zodat er dieren geen fatsoenlijke leefomgeving meer kunnen vinden (lees daarover meer bij biodiversiteit).
Als we grondstoffen uit de grond halen, veranderen we daarmee het milieu vaak voor lange tijd. Voor de aanleg van een steenkoolmijn worden bijvoorbeeld bomen gekapt of worden bergen afgegraven.
3. Milieuvervuiling
Het winnen en het gebruiken van grondstoffen zorgt voor ook veel milieuvervuiling. Bij productieprocessen komt afval vrij dat vaak in de natuur gedumpt wordt of in het water geloosd. Verbrandingsprocessen zorgen voor luchtvervuiling.
Deze afvalstoffen kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid van mens, plant en dier. Ook kan het winnen en gebruiken van natuurlijke hulpbronnen voor geluidshinder zorgen.
Uitputting, aantasting en vervuiling van het milieu hebben nog generaties na ons gevolgen voor onze kleinkinderen en hun kleinkinderen. Het tropisch regenwoud dat er eens was, kan nooit meer terugkomen. Olievoorraden die op zijn, worden niet meer aangevuld. Vervuild drinkwater is alleen tegen hoge kosten weer drinkbaar te maken.